Prenatale diagnostiek

De vlokkentest

Met deze test kunnen afwijkingen van de chromosomen en op indicatie veranderingen in het DNA worden opgespoord.  Bij de vlokkentest worden enkele chorionvlokken weggenomen uit de moederkoek (placenta). De chorionvlokken bevatten dezelfde cellen als de vrucht. De chromosomenstructuur van deze cellen wordt onderzocht. Na het verrichten van de vlokkentest volgen een aantal uitslagen.
Een vlokkentest geeft in 98 tot 99 van de 100 gevallen (98-99%) zekerheid of je kind wel of niet de aandoening heeft waar onderzoek naar gedaan is.

De vlokkentest kan op twee manieren gedaan worden;
– via de vagina
– via een prik door de buikwand.

 

vlokkentest via de buikwand

De test wordt verricht vanaf een zwangerschapsduur van 11 weken en 3 dagen tot 13 weken.

Wanneer kom je ervoor in aanmerking

  • ouders die al een kind of een eerdere zwangerschap hebben gehad met een afwijkend chromosomenpatroon
  • ouders die zelf een afwijkend chromosomenpatroon hebben
  • ouders die geslachtsgebonden ziekten in de familie hebben
  • zwangeren bij wie door middel van ICSI de zwangerschap tot stand is gebracht
  • zwangeren die een verhoogd risico hebben na de combinatietest of NIPT
  • zwangeren bij wie door middel van echoscopisch onderzoek aanwijzingen zijn gevonden voor foetale afwijkingen

Risico
Bij de vlokkentest bestaat er een extra risico van ongeveer 0,3 procent (3 op 1000) op een miskraam.

Meer weten? 

De vruchtwaterpunctie
De vruchtwaterpunctie vindt plaats na 15 weken zwangerschap. Bij een vruchtwaterpunctie wordt 15-20 milliliter vruchtwater opgezogen. Hierin zitten lichaamscellen (onder andere van de huid van het kind) en eiwitten van het ongeboren kind. De punctie verloopt via de buikwand. Met een echoapparaat wordt de juiste plaats bepaald voor het inbrengen van de naald. Door onderzoek van de cellen en eiwitten is vast te stellen of bij het ongeboren kind sprake is van down-, edwards- of patausyndroom.

Risico
Elke vrouw die 15 weken zwanger is, heeft een kans op een spontane miskraam van ongeveer 1%. Bij een vruchtwaterpunctie komt daar een extra risico bij van ongeveer 0,1 %.

Wanneer kom je ervoor in aanmerking
Je kunt kiezen voor het laten verrichten van een vruchtwaterpunctie wanneer:

  • de combinatietest een verhoogd risico aangeeft
  • je bij de NIPT een afwijkende uitslag hebt ontvangen
  • er in de familie chromosomale aandoeningen voorkomen.
  • er in de familie erfelijke stofwisselingsziekten voorkomen die met invasieve diagnostiek/vruchtwaterpunctie zijn op te sporen.

Kosten
Het blijkt dat bij vervolgonderzoek dat niet onder de standaard zwangerenzorg valt, sommige Zorgverzekeraars het eigen risico in rekening brengen. Wij adviseren je daarom altijd vooraf even contact op te nemen met je eigen Zorgverzekeraar.

Meer weten?

Aanmelden

Uw naam (verplicht)

Uw e-mail (verplicht)

Uw telefoonnummer (verplicht)

Onderwerp

Uw vragen/bericht